Softwarepatenten
Fred van der MolenNieuws uit Brussel. Er zit beweging in het ideologisch zwaar beladen thema van het softwarepatent. De vraag is alleen nog welke kant op.
Vorig jaar juni blokkeerde het Europees Parlement een wetsvoorstel dat Europese softwarepatenten mogelijk maakte. Daarmee zou de Europese aanpak meer in lijn komen met de Amerikaanse en Japanse praktijk. Het getorpedeerde plan werd gesteund door grote ondernemingen die de vruchten willen plukken van hun R&D-investeringen. Tegenstanders voeren echter aan dat softwarepatenten juist de innovatie remmen en een regelrechte ramp zijn voor kleine softwareontwikkelaars en de openbroncode-beweging.
Op dit moment wordt software in nationale wetgeving beschermd door het auteursrecht. Een al langer geaccepteerd uitgangspunt in veel Europese landen – de huidige patentwetgeving heeft een sterk nationale organisatie – is dat software-uitvindingen die onderdeel zijn van apparaten – fotocamera’s MRI-scanners, ABS-remsystemen - dezelfde patentrechtelijke bescherming verdienen als de hardware. Maar daar begint het hellend vlak. Want functies die in elektrische circuits worden ingebakken kunnen vaak ook als software worden uitgevoerd. Dus waarom de ene uitvinding wel beschermen en de andere niet? Hoe dit uit de hand kan lopen bewijst de Amerikaanse praktijk. De rechtbanken worden daar bedolven onder een stortvloed van zaken rond betwiste softwarepatenten. Amerikaanse patentbureaus hebben dan ook krankzinnige patenten verstrekt aan zeer algemene concepten (zoals ‘het versturen van draadloze e-mail’) of bedrijfsmethoden (zoals de ‘één-klik afrekening’). Een groeiend aantal Amerikaanse critici betoogt daarom ook dat software helemaal niet gepatenteerd moet kunnen worden. Andere critici vinden dat alleen bedrijfsmethoden en vage concepten niet bij het patentbureau thuishoren.
De kern van de nu weer oprakelende Europese discussie zal het vinden van overeenstemming over de definitie van een ‘uitvinding’ zijn. Mij lijkt dat een computerprogramma als zodanig nooit gepatenteerd moet kunnen worden. Daar hebben we het auteursrecht voor. Patenten zijn voor uitvindingen: iets wezenlijks nieuws, innovatiefs en nuttigs. Dat neemt niet weg dat een uitvinding wel helemaal in software kan zijn uitgevoerd.
Deze week neemt het Europees Parlement een compromisvoorstel over het patentrecht (EPLA) aan. Daarmee wordt vastgelegd dat patentkwesties op termijn in geheel Europa eenduidig worden behandeld. Bovendien worden softwarepatenten ‘onder voorwaarden’ mogelijk. Maar over de precieze voorwaarden start opnieuw de discussie. Het is daarom nog te vroeg om te zeggen of dit voorstel goed of slecht nieuws is voor de tegenstanders van softwarepatenten. Het gaat bij deze kwestie bij uitstek om de details. De Europese parlementariërs moeten er voor zorgen dat alleen echte uitvindingen, waarvan zowel idee als uitwerking zijn gedocumenteerd, worden beschermd.
Op dit moment wordt software in nationale wetgeving beschermd door het auteursrecht. Een al langer geaccepteerd uitgangspunt in veel Europese landen – de huidige patentwetgeving heeft een sterk nationale organisatie – is dat software-uitvindingen die onderdeel zijn van apparaten – fotocamera’s MRI-scanners, ABS-remsystemen - dezelfde patentrechtelijke bescherming verdienen als de hardware. Maar daar begint het hellend vlak. Want functies die in elektrische circuits worden ingebakken kunnen vaak ook als software worden uitgevoerd. Dus waarom de ene uitvinding wel beschermen en de andere niet? Hoe dit uit de hand kan lopen bewijst de Amerikaanse praktijk. De rechtbanken worden daar bedolven onder een stortvloed van zaken rond betwiste softwarepatenten. Amerikaanse patentbureaus hebben dan ook krankzinnige patenten verstrekt aan zeer algemene concepten (zoals ‘het versturen van draadloze e-mail’) of bedrijfsmethoden (zoals de ‘één-klik afrekening’). Een groeiend aantal Amerikaanse critici betoogt daarom ook dat software helemaal niet gepatenteerd moet kunnen worden. Andere critici vinden dat alleen bedrijfsmethoden en vage concepten niet bij het patentbureau thuishoren.
De kern van de nu weer oprakelende Europese discussie zal het vinden van overeenstemming over de definitie van een ‘uitvinding’ zijn. Mij lijkt dat een computerprogramma als zodanig nooit gepatenteerd moet kunnen worden. Daar hebben we het auteursrecht voor. Patenten zijn voor uitvindingen: iets wezenlijks nieuws, innovatiefs en nuttigs. Dat neemt niet weg dat een uitvinding wel helemaal in software kan zijn uitgevoerd.
Deze week neemt het Europees Parlement een compromisvoorstel over het patentrecht (EPLA) aan. Daarmee wordt vastgelegd dat patentkwesties op termijn in geheel Europa eenduidig worden behandeld. Bovendien worden softwarepatenten ‘onder voorwaarden’ mogelijk. Maar over de precieze voorwaarden start opnieuw de discussie. Het is daarom nog te vroeg om te zeggen of dit voorstel goed of slecht nieuws is voor de tegenstanders van softwarepatenten. Het gaat bij deze kwestie bij uitstek om de details. De Europese parlementariërs moeten er voor zorgen dat alleen echte uitvindingen, waarvan zowel idee als uitwerking zijn gedocumenteerd, worden beschermd.
10-02 Van Vliet: Zonder internet geen welvaart
06-02 De kijk van Van Eijk: Sleutels weg
01-02 Spoelstra spreekt: Het is helemaal geen crisis
27-01 Van Vliet: Geen e-bank, geen bonus!
23-01 De kijk van Van Eijk: Technologie is een risico
18-01 Spoelstra spreekt: Flut hackers
15-01 Van Vliet: Uit het web
02-01 De kijk van Van Eijk: Onvermijdelijke vooruitgang
28-12 Spoelstra spreekt: Het verschil
23-12 Van Vliet: Politie.nl kent geen cybercrime
10-02 Infor helpt Ferrari met bouwen F1-auto's
10-02 Veenman en 20/20 vision adviseren samen klant
09-02 ERP-traject Eigen Haard krijgt forse directiesteun
08-02 Sogeti ontslaat nog eens 110 medewerkers
07-02 Western Digital haalt hard uit naar Stellar Data
07-02 Verhuurder Capgemini-pand vecht verhuizing aan
06-02 'Marktwaardering Facebook is kwart te hoog'
06-02 Delta Lloyd verlengt contract met Human Inference
06-02 Krachtenbundeling NGI en TestNet is goede zaak
03-02 De kracht van 'niet moeten, maar willen'
|
|
Probleemloos ontwikkelen voor een hybride cloudmodel
Aanbieders van geavanceerde bedrijfsapplicaties willen nieuwe klanten graag de mogelijkheid geven om op......


