Deze opinie is van een externe deskundige. De inhoud vertegenwoordigt dus niet noodzakelijk het gedachtegoed van de redactie.

Brand blussen zonder schade

Dit artikel delen:

Het artikel 'Brand zonder Brand' (Computable, 15 oktober 2004) toont nog eens aan hoe belangrijk de keuze van een brandblusinstallatie is, met name in de ict-omgeving waar het middel erger dan de kwaal kan zijn.

Doordat een aërosol-brandblusinstallatie tijdens het testen per abuis werd geactiveerd, bleek al vrij snel dat de apparatuur zodanig vervuild was met zoutdeeltjes en roetaanslag dat vervanging nodig was. Te lichtvaardig heeft men hier gekozen voor een product dat weliswaar uitstekend een brand blust, maar helaas altijd restproducten achterlaat die niet altijd aanvaardbaar zijn.

Clean agents

Er zijn veel toepassingen waarbij een absoluut schoon brandblusmiddel vereist is. Te denken valt dan aan ict-ruimten, maar ook de opslag van data, archieven en kunstwerken. Voor deze toepassingen heeft de industrie blusgasinstallaties ontwikkeld, welke worden aangeduid als 'clean agent systems'. Had men in het voornoemde geval gekozen voor zo'n 'clean agent', dan had de ruimte na een half uurtje ventileren weer gebruikt kunnen worden!
Diverse alternatieven zijn beschikbaar voor de beveiliging van ict-ruimten tegen brandschade; hooggevoelige branddetectie, objectbeveiliging van alleen de apparatuurkasten, et cetera. Ook permanente zuurstofreductie wordt in ict-ruimten toegepast, allemaal om brand te voorkomen, eerder te signaleren en zonodig te blussen.

Chemische en inerte blusgassen

In veel gevallen wordt gekozen voor het beveiligen van een ict-ruimte met een blusinstallatie waarbij de gehele ruimte wordt gevuld met blusgas. Afhankelijk van het toegepaste gas moet daarbij een minimale concentratie worden bereikt om een goed blussende werking te verkrijgen en afhankelijk van de kans op herontsteking moet deze concentratie gedurende een minimale tijd gehandhaafd blijven.
In grote lijnen valt daarbij te kiezen tussen de zogenaamde 'chemische blusgassen' , met als meest toegepaste FM-200, en de 'inerte blusgassen', mengsels van argon en stikstof, waarvan IG-55, IG-01, IG-100 en IG-541 meest toegepast worden (de getallen duiden op de mengverhouding argon-stikstof).
FM-200 blust een brand op basis van chemische interactie op het verbrandingsproces door negatieve katalyse en warmteabsorptie. Het voordeel van FM-200 is dat slechts een geringe hoeveelheid blusgas nodig is en dat het zuurstofpercentage nauwelijks wordt gereduceerd met een blusconcentratie van circa 7,5 procent.
Het is ook een veilig gas: tot een concentratie van 10,5 procent mag het worden toegepast in ruimten met personen. FM-200 wordt vooral toegepast in ruimten waar een snelle blusactie vereist is en er weinig plaats is voor het opstellen van blusgasflessen.
De inerte gassen blussen een brand door verlaging van het zuurstofgehalte naar ongeveer 13 procent, een waarde waarbij een brand dooft en die voor mensen nog voldoende mogelijkheden biedt om de ruimte veilig te verlaten. Om deze zuurstofreductie te verkrijgen, moet ongeveer 40 procent inert gas in de ruimte worden toegelaten. Dit vergt meestal een grotere hoeveelheid flessen dan bij FM-200. Blusinstallaties met inert gas worden vooral toegepast bij grotere ruimten, waarbij de flessen in een aparte opslagruimte worden geplaatst.

Drukproblemen

Behalve het aantal flessen is er bij blusinstallaties met inert gas nog een aspect dat bij de toepassing aandacht behoeft: de overdruk die ontstaat doordat een grote hoeveelheid blusgas in korte tijd in de ruimte wordt geblazen. Als er geen voorzieningen worden getroffen, kan deze overdruk grote schade toebrengen aan de ruimte; dit wordt met overdrukroosters voorkomen.
Bij een blusinstallatie met inert gas wordt het gas onder hoge druk (300 bar) opgeslagen in de flessen. Bij een activering worden de afsluiters geopend en lopen de flessen bij conventionele installaties domweg leeg. Om dit nog enigszins in de hand te houden wordt een smoorplaat toegepast in de voedingsleiding. Het gevolg hiervan is dat er bij aanvang, als de flessen nog vol zijn, een zeer grote gasstroom ontstaat die in de ruimte de overdruk opwekt en als de flessen leeg raken en de druk daalt, de smoorplaat de uitstroming juist weer belemmert; de uitstroming verloopt dus niet erg efficiënt.
Het ProInert-systeem van Hi-Safe is een blusinstallatie met inert gas, waarbij deze problemen zijn opgelost. Door een drukregulerende flesafsluiter wordt een constante uitstroming bij een druk van 42 bar bereikt. Deze lage druk biedt onder meer voordelen voor de afblaasleidingen, die niet meer op de hoge piekdrukken hoeven te worden afgestemd en door de efficiënte uitstroming een kleinere doorlaat nodig hebben.< BR>
 
Hans den Boer, Hi-Safe Systems

x

Om te kunnen beoordelen moet u ingelogd zijn:

Dit artikel delen:

Lees verder


Stuur dit artikel door

Uw naam ontbreekt
Uw e-mailadres ontbreekt
De naam van de ontvanger ontbreekt
Het e-mailadres van de ontvanger ontbreekt

×
×
article 2005-02-04T00:00:00.000Z Hans den Boer
Wilt u dagelijks op de hoogte worden gehouden van het laatste ict-nieuws, achtergronden en opinie?
Abonneer uzelf op onze gratis nieuwsbrief.