De Hoge Raad heeft een belangrijke overwinning toegekend aan Kenneth Berkleef, de voormalige eigenaar van softwareontwikkelaar Equihold in een al jarenlang slepend conflict met Capgemini over de ontwikkeling van een sportapplicatie. De hoogste rechter vernietigt een arrest van het gerechtshof Den Haag en verwijst de zaak naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch voor verdere behandeling. Daarmee is de discussie over de kwaliteit van door Capgemini ontwikkelde software nog altijd niet beslecht.
De zaak draait om de sportapplicatie 1-2 Focus, een product dat begin jaren 2000 werd gebruikt door onder meer FC Barcelona en PSV. Equihold besloot de software rond 2004 om te bouwen van Visual Basic 6 naar het Microsoft .NET-platform en schakelde daarvoor Capgemini in. Partijen sloten in 2005 een raamovereenkomst. Capgemini was daarbij verantwoordelijk voor de kwaliteit van de software, terwijl Equihold de functionele eindverantwoordelijkheid behield.
Kort na de opleveringen ontstond onenigheid over de kwaliteit van het ontwikkelwerk. Volgens Equihold kampte de software met ernstige tekortkomingen. In 2010 concludeerde een externe beoordeling zelfs dat een volledige herschrijving van de broncode onvermijdelijk was. Een ander onderzoek kende de software de laagste kwaliteitsclassificatie toe. Equihold stelde Capgemini aansprakelijk voor de schade. Het bedrijf ging in 2013 failliet, waarna de vorderingen op Capgemini werden overgenomen door grootaandeelhouder Kenneth Berkleef.
Claims afgewezen
De rechtbank en later het Haagse hof wezen de claims af. Volgens het hof was Capgemini niet in verzuim geraakt en kon daarom geen aanspraak worden gemaakt op schadevergoeding wegens wanprestatie. Ook oordeelde het hof dat Capgemini zich mocht beroepen op een exoneratiebeding in zijn algemene voorwaarden, waarin aansprakelijkheid voor schade grotendeels wordt beperkt.
De Hoge Raad laat die oordelen grotendeels in stand. Zo volgt de hoogste rechter het hof in de conclusie dat geen sprake was van een duidelijke fatale oplevertermijn. Ook blijft overeind dat Equihold Capgemini nooit formeel in gebreke heeft gesteld. Daardoor strandt een belangrijk deel van de argumentatie rond wanprestatie.
Beroep op onrechtmatige daad
Toch krijgt Berkleef als eiser op één cruciaal punt gelijk. Volgens de Hoge Raad heeft het Haagse hof ten onrechte geoordeeld dat een beroep op onrechtmatige daad automatisch hetzelfde lot moet ondergaan als de vordering wegens wanprestatie. Het hof had die grondslag zelfstandig moeten beoordelen. De verwijten aan Capgemini betroffen onder meer het achterhouden van een intern kwaliteitsrapport over de broncode, het verstrekken van een onjuiste voorstelling van zaken over de softwarearchitectuur en het inzetten van onvoldoende ervaren ontwikkelaars (daar waar onervaren developers uit India aan de slag moesten). De Hoge Raad benadrukt nu dat een mislukte wanprestatieclaim niet automatisch betekent dat ook een beroep op onrechtmatige daad van tafel is. De hoogste rechter heeft daarom het arrest van het gerechtshof Den Haag vernietigt en verwijst de zaak naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch voor verdere behandeling.
Kernvraag onbeantwoord
Verder werd het door Capgemini ingestelde incidentele cassatieberoep werd volledig verworpen. Daarmee krijgt het it-concern geen gelijk op punten rond schuldeisersverzuim en de vergoeding van kosten voor een bankgarantie door Berkleef.
Na ruim tien jaar procederen staat de kernvraag nog steeds open: was de door Capgemini geleverde software daadwerkelijk ondeugdelijk? Die vraag zal nu moeten worden beoordeeld door het gerechtshof ’s-Hertogenbosch. Voor beide partijen betekent dit dat een van de langstlopende Nederlandse ict-rechtszaken nog altijd geen definitief einde heeft bereikt.
Reacties
In een reactie stelt Berkleef: ‘Na meer dan twaalf jaar procederen is er eindelijk ruimte ontstaan voor een inhoudelijke beoordeling van de resterende rechtsvraag. Dat is altijd mijn doel geweest. Ik heb nooit gezocht naar een procedure op zichzelf, maar naar een zorgvuldige beoordeling van de feiten en de juridische verwijten die ik aan Capgemini maak. Die beoordeling ligt nu bij het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch, en ik zie die procedure met vertrouwen tegemoet.’
De woordvoerder van Capgemini laat desgevraagd weten: ‘We hebben ook kennisgenomen van de beslissing van de Hoge Raad en de verwijzing van het geding naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch ter verdere behandeling en beslissing. Zolang deze zaak nog onder de rechter is, geven we echter geen commentaar.’
Lees ook het achtergrondartikel: Berkleef vs. Capgemini: slepende rechtszaak relevant voor it-sector
Eerdere artikelen
Over de rechtszaak Berkleef vs Capgemini heeft Computable regelmatig artikelen geplaatst, onder meer:
– Equihold’s kruistocht tegen Capgemini (2014)
– Berkleef en Lakeman starten stichting Capclaim (2014)
– De kwaliteit van de Capgemini-software (2014)
– Computable-experts oordelen over Capclaim (2014)
– Equihold en Capgemini eindelijk voor de rechter (2016)
– Equihold en Capgemini schikken niet (2016)
– Berkleef verliest Equihold-zaak tegen Capgemini (2016)
– Hof gelast code-onderzoek in zaak Equihold-Capgemini (2020)
– Berkleef versus Capgemini revisited (2020)

Na twaalf jaar procederen, vier arresten van de Hoge Raad, ontelbare artikelen en een faillissement verder is er nog steeds geen aansprakelijkheid vastgesteld, geen schadevergoeding toegekend en geen definitief oordeel dat Capgemini ondeugdelijke software heeft geleverd. Zelfs Computable erkent dat de kernvraag nog altijd niet definitief is beslecht. Daarom vind ik de framing van een ‘belangrijke overwinning’ misleidend. Wat is gewonnen, is het recht om verder te procederen over een resterende juridische grondslag. Wat niet is gewonnen, is de oorspronkelijke inzet van de procedure: aansprakelijkheid en schadevergoeding. Wie dit dossier langer volgt dan alleen het laatste artikel, ziet geen triomftocht maar een juridische marathon waarin de finishlijn telkens wordt verplaatst. Dat mag juridisch interessant zijn, maar het is iets anders dan een inhoudelijke overwinning.