Een nationaal instituut voor ai-onderzoek moet de uittocht van Nederlands ai-talent tot stilstand brengen. Als zo’n krachtenbundeling van ai-onderzoekers voldoende middelen krijgt, hoeft toptalent niet meer zijn heil te zoeken in Silicon Valley. Bovendien trekt de aanwezigheid van excellente ai-wetenschappers weer buitenlandse toppers aan.
Een groep prominente Nederlandse tech-ondernemers, ondersteund door het ai-ecosysteem, is een actie begonnen voor een nationaal Ellis-instituut (European Laboratory for Learning and Intelligent Systems). Onder meer Bol.com, Booking.com, Bunq, Cradle, General Intuition, Nebius, Picnic en Techleap hebben de steunverklaring ondertekend.
Nederland telt al drie Ellis-locaties, namelijk in Amsterdam, Delft en Nijmegen, met ruim 160 ai-onderzoekers. Eerder genoemde groep pleit ervoor om daarboven een nationaal instituut op te richten dat met steun van de overheid diepgaand doorbraak-onderzoek van het hoogste niveau kan doen. In Duitsland en Finland bestaat al zoiets. Zo’n nationaal centrum stelt eigen onderzoekers aan en bepaalt zijn eigen koers.
Tegen de hoge salarissen en optieregelingen die Silicon Valley biedt, kan Nederland moeilijk opboksen. Maar door onderzoeksdiepte te bieden wordt het toch aantrekkelijk hier te werken. Ook gaat een nationaal lab de versnippering tegen. Nu worden de investeringen in rekenkracht en in software engineers te veel gespreid. Concentratie biedt een schaal die voor geen enkele individuele universiteit haalbaar is.
Volgens de tech-ondernemers bestaat een gezond ai-ecosysteem uit drie pijlers die elkaar versterken: doorbraakonderzoek (Ellis Instituut), onderzoek naar toepassingen (ICAI, Innovation Center for Artificial Intelligence) en ai-bedrijvigheid (Nadi, Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie). Ellis fungeert daarbij als een fundament voor ai dat complementair is aan het ICAI-netwerk.
De steunverklaring voor een nationaal Ellis-instituut kan hier worden ondertekend.

