Nederlandse fabrieken gaan steeds meer digitale hulpmiddelen gebruiken. Vroeger ging het vooral om slimme machines en computers (Industrie 4.0). Nu kijken bedrijven verder (Industrie 5.0): technologie moet niet alleen zorgen voor méér productiviteit, maar moet ook goed zijn voor de werknemers, het milieu en de toekomst. De aandacht in de maakindustrie verschuift naar mensgerichte, duurzame en weerbare productie.
Deze ontwikkeling is duidelijk zichtbaar in recente overnames van Nederlandse bedrijven in industriële automatisering, productiesoftware, sensortechnologie en energiebeheer. Zo blijkt uit een rapport van Aeternus, adviesbureau bij bedrijfsovernames en -financiering. Een sprekend voorbeeld is de overname van Sensorfact, een Nederlandse aanbieder van software voor energiebeheer, door het Zweeds-Zwitserse concern ABB.
Digitale systemen nodig
Volgens Aeternus kijken kopers gerichter naar technologie die productieprocessen schaalbaarder, voorspelbaarder en minder afhankelijk van handmatige arbeid maakt. Om fabrieken zo goed mogelijk te laten draaien, zijn digitale systemen nodig. Door slim gebruik te maken van gegevens uit de machines, is de productie sneller en zonder fouten aan te sturen.
De voordelen zijn:
- Meer winst: Je werkt een stuk efficiënter.
- Betere producten: De kwaliteit gaat omhoog.
- Sneller aanpassen: Je bent flexibeler als klanten iets anders willen.
- Makkelijker groeien: Je bedrijf kan simpel groter worden.
Factory automation
Aeternus ziet een aanhoudende vraag naar factory automation, robotics en machine vision. Een tweede trend is de opkomst van software als verbindende laag binnen de maakindustrie. Waar productiebedrijven vroeger vaak werkten met losse systemen voor planning, ERP, controle op de werkvloer en kwaliteitsregistratie, is de behoefte aan geïntegreerde software-omgevingen gegroeid.

