Ondernemer Han de Groot, die een ai-gigafabriek in de Rotterdamse haven wil bouwen, hoeft niet te rekenen op financiële ondersteuning vanuit de rijksoverheid. Het kabinet weigert om rekenkracht vooruit te bestellen, een voorwaarde tot deelname aan de Europese tender.
De EU stelt voor de realisatie van maximaal vijf ai-gigafabrieken twintig miljard euro aan middelen beschikbaar, maar dan moeten deelnemende landen wel een financieel commitment aangaan. In een brief aan de Tweede Kamer schrijft staatssecretaris Willemijn Aerdts (Digitale Economie en Soevereiniteit) dat daar binnen de huidige begroting geen ruimte voor bestaat. Er is geen geld voor een grootschalige voorreservering van publieke rekencapaciteit bij eventuele toekomstige ai-gigafabrieken. Lidstaten worden geacht hun deel van een eventuele ai-gigafabriek op hun grondgebied mee te financieren. Duitsland bijvoorbeeld heeft al voor 805 miljoen euro aan ai-rekenkracht voorbesteld.
Het kabinet vindt dat de commerciële fabriek (kosten 5 miljard euro) die De Groot met zijn bedrijf Volt in samenwerking met Eneco wil neerzetten, volledig door de markt moet worden gefinancierd. Volgens Aerdts is dit in lijn met het rapport Wennink. Er komt wel overheidsgeld voor de veel kleinere ai-fabriek in Groningen. Die fabriek bestaat uit een ai-geoptimaliseerde supercomputer en een expertisecentrum bedoeld voor ai-ontwikkeling in de pre-competitieve fase.
Ai-modellen
Ook wijst Aerdts, als positief punt, op de ambitie van het kabinet om het vergunningenbeleid voor datacenters te stroomlijnen, wat ook een wens is van Volt en Eneco. Dat het kabinet verder weinig doet om het Rotterdamse project te stimuleren, heeft ook te maken met een niet al te positief rapport van Ecorys. De adviesbureau acht het onzeker of Nederlandse partijen op korte termijn zelfstandig zeer geavanceerde ai-modellen zullen ontwikkelen die een grote rekencapaciteit vereisen. ‘Voor veel toepassingen, met name het draaien van reeds getrainde ai-modellen (inferentie), volstaan kleinere rekenfaciliteiten.’
Ook wordt de vorm van ai-infrastructuur in sterke mate bepaald door de aard van de ai-toepassingen en de behoeften van gebruikers. Onduidelijk is nog de rekenbehoefte van de overheid. Verder rekent het kabinet erop dat Nederlandse afnemers van ai-rekencapaciteit ook kunnen aankloppen bij andere ai-fabrieken in de EU.
Reactie Han de Groot
Han de Groot, initiatiefnemer achter de Rotterdamse giga-ai-fabriek, laat zich allerminst ontmoedigen door het afhaken van het kabinet. ‘Wij gaan door,’ zegt hij in een reactie op de aankondiging van staatssecretaris Willemijn Aerdts dat Nederland niet zal deelnemen aan de gezamenlijke Europese inkoop van ai-rekenkracht. De Groot: ‘Daarmee verliest Nederland de mogelijkheid om in aanmerking te komen voor een bijdrage uit het twintig miljard-fonds van de Europese Commissie, bedoeld voor de realisatie van vijf Europese AI-Gigafactory-projecten.’
Hij wijst erop dat landen als Duitsland wél investeren en daarmee hun digitale en economische positie versterken. De Groot: ‘Tegelijkertijd verandert dit niets aan de kern: rekenkracht produceren in Nederland blijft essentieel voor onze digitale soevereiniteit én verdiencapaciteit. De Europese route is nu afgesloten, maar het plan staat. We hebben de locatie in beeld, de gridconnectie en een sterk consortium om een ai-rekencentrum te realiseren dat Nederland en Europa van rekenkracht kan voorzien.’
Positief is in zijn ogen dat Willemijn Aerdts het belang van een nationale ai-rekeninfrastructuur blijft onderschrijven en de vraag naar rekenkracht vanuit de rijksoverheid laat inventariseren.
