De vraag naar ai-rekenkracht stijgt explosiever dan ooit, terwijl Nederland het risico loopt zijn positie als digitale mainport te verliezen. Daarvoor waarschuwt de Dutch Data Center Association (DDA) in zijn jaarrapport.
Digitalisering, datagedreven bedrijfsvoering en de snelle opkomst van kunstmatige intelligentie zorgen voor een structurele toename van de behoefte aan rekenkracht en data-opslag. Tegelijkertijd dreigt Nederland afhankelijk te worden van een technologische infrastructuur waarin Europese spelers slechts een marginale rol spelen.
De Dutch Data Center Association (DDA) legt in het nieuwe rapport, de State of the Dutch Data Centers, sterk de nadruk op de knelpunten in het aanbod. De vraagkant van de markt is geen issue. De bottleneck zit volledig aan de aanbodkant. De Nederlandse datacentermarkt komt volgens de DDA in een ‘fundamenteel nieuwe fase’, waarin groei vooral wordt beperkt door uitvoeringscapaciteit en randvoorwaarden, te weten:
- Stroomvoorziening: beperkte netcapaciteit en lange wachttijden voor aansluitingen;
- Vergunningen: complexe procedures en lokale verschillen in beleid;
- Toeleveringsketens: schaarste aan materialen en lange levertijden;
- Arbeidsmarkt: tekort aan technisch personeel;
- Duurzaamheidseisen: strengere normen voor energie-efficiëntie, watergebruik en restwarmte.
Deze factoren bepalen steeds vaker waar, wanneer en óf nieuwe datacenterprojecten kunnen worden gerealiseerd. De DDA benadrukt dat de sector niet als één homogene markt moet worden behandeld: elk ecosysteem vervult een andere economische rol en ondervindt de knelpunten op een andere manier. Een uniforme beleidsaanpak werkt daarom zelden.
Geen oog voor verschillen
Niet alleen de typen datacenters verschillen, maar ook de klanten, stelt DDA-directeur Stijn Grove. Afnemers van een ai-datacenter stellen weer andere eisen dan een lokale overheid die digitale ruimte zoekt. Grove: ‘Als de markt meer gelaagd wordt, moet het beleid daarmee rekening houden.’ Hij roept overheden op meer oog te hebben voor de verschillen.
Ook laat het rapport zien dat datacenters niet alleen stroom verbruiken, maar juist kunnen bijdragen aan het verminderen van netcongestie via batterijopslag, flexibel energiegebruik en hergebruik van restwarmte. ‘Bij de stabilisering van het stroomnet kunnen datacenters een rol spelen’, aldus Grove.
Ai-transformatie
Veel aandacht gaat in het rapport uit naar ai. Kunstmatige intelligentie versnelt de transformatie van de datacentersector.
Ai‑workloads vragen om:
- veel grotere stroomtoewijzingen;
- hogere rackdichtheden;
- geavanceerde koelsystemen (zoals vloeistofkoeling);
- een veel grotere infrastructuurschaal dan traditionele cloudomgevingen.
Hierdoor verandert niet alleen het ontwerp van datacenters, maar ook de geografische spreiding. Grote ai‑campussen vestigen zich steeds vaker op locaties waar nog ruimte en stroom beschikbaar zijn, terwijl inferentie‑workloads met lage latentie juist het belang van connectiviteitshubs en regionale infrastructuur onderstrepen.
Hyperscale cloud en ai
Het rapport verwacht dat het datacenter-landschap snel gaat veranderen. De omvang van de datacenters voor bedrijven zal stabiel blijven of langzaam afnemen, onder meer door toenemend cloudgebruik en de verplaatsing van workloads naar colocatie‑datacenters met betere connectiviteit, energie-efficiëntie en continuïteit.
Discussies over digitale soevereiniteit en de repatriëring van cloudtechnologie remmen deze daling enigszins, maar de trend is duidelijk. De groei verschuift naar commerciële datacenters. De traditionele retail- en wholesale-colocatiemarkt groeit met bijna 8 procent per jaar. Maar de echte versnelling komt van hyperscale cloud en ai. Die doen de balans snel doorslaan naar schaalbare colocatie en hyperscale campussen in eigen beheer.
Om de verwachte groei te realiseren, zijn de komende jaren aanzienlijke investeringen nodig. Vooral grootschalige colocatie vraagt om de grootste stroomaansluitingen en dus de grootste bouw- en installatie-investeringen. Daarnaast zullen hyperscalers en colocatieklanten fors investeren in nieuwe it‑apparatuur, wat een nieuwe investeringsgolf veroorzaakt.
Scale-colocaties
Nederland kent ruim honderd colocatie- en hyperscale-datacenters met een geïnstalleerd vermogen van 50 kW of meer; een geringe daling ten opzichte van vorig jaar. Het aantal bedrijfsdatacenters liet eveneens een lichte afname zien. Het aantal colocatie- en hyperscale-faciliteiten in eigen beheer steeg nagenoeg niet.
Binnen het colocatie-segment vertegenwoordigen scale-colocaties het grootste aandeel van het geïnstalleerde it-vermogen, wat een duidelijke verschuiving naar campusachtige ontwikkelingen met een hogere dichtheid weerspiegelt. Parallel daaraan blijft de omvang van hyperscale-campussen zich snel uitbreiden, vooral dankzij Google en Microsoft. Samen vormen scale-colocatie en hyperscale de kern van de Nederlandse commerciële datacenter-infrastructuur.
Stijging it-stroom
De totale markt voor it-stroom bereikte eind 2025 meer dan 1,5 GW. Dat is een stijging van 7 procent ten opzichte van 2024. De groei is aanzienlijk lager dan in heel Europa, aldus de DDA in het jaarrapport. Het meest opvallende verschil is de afname van grootschalige colocatie. Grootschalige colocatie is het grootste groeisegment in Europa en naar verwachting zal dit op de lange termijn ook voor Nederland gelden. In 2025 werd er geen grootschalige colocatie aan de Nederlandse markt toegevoegd. De grootste bijdrage aan de groei kwam van hyperscale, met name door de opening van het datacenter van Google in Winschoten.
Eind 2025 had de colocatiemarkt als geheel, inclusief grootschalige colocatie, een totaal aanbod van 951 MW, een stijging van 4 procent ten opzichte van 2024. Naar verwachting zal dit de komende jaren verder sterk toenemen. Tussen nu en 2030 wordt een sterke groei verwacht in alle commerciële segmenten, met name in de opkomende markt voor schaalbare colocatie.
