Grondlegger van Demo en pionier in Enterprise Engineering
Met het overlijden van prof. dr. ir. Jan Dietz op 81-jarige leeftijd verliest de informatica de grondlegger van Demo en Enterprise Engineering. De emeritus hoogleraar van de TU Delft onderzocht hoe organisaties kunnen worden begrepen en ontworpen vanuit menselijke samenwerking. Zijn werk verbond informatica, organisatiewetenschap en taalfilosofie en kreeg internationale navolging in onderzoek, onderwijs en praktijk.
Dietz studeerde elektrotechniek in Eindhoven en werkte tien jaar in de bedrijfsautomatisering. In 1987 promoveerde hij aan de TU Eindhoven bij Kees van Hee en Theo Bemelmans op Modelleren en specificeren van informatiesystemen. Na een hoogleraarschap aan de Rijksuniversiteit Limburg volgde in 1994 de overstap naar de TU Delft. De verhouding tussen organisaties en hun informatievoorziening bleef de centrale vraag in zijn loopbaan.
Menselijk handelen als wetenschappelijke grondslag
Dietz ontwikkelde Demo, tegenwoordig voluit Design & Engineering Methodology for Organisations, als een theoretisch gefundeerde methodologie voor het analyseren en ontwerpen van organisaties. Al in 1999 verbond een gezamenlijke wetenschappelijke publicatie met prof.dr. Victor van Reijswoud en prof.dr. Hans Mulder in het Information Systems Journal de theoretische grondslagen aan een casestudie voor procesverbetering en systeemontwerp. In zijn artikel Demo: Towards a discipline of organisation engineering uit 2001 beschreef hij organisaties als samenhangende patronen van communicatie en handelen waarin mensen commitments aangaan en nakomen. Bevoegdheid, verantwoordelijkheid en competentie waren daarbij centrale begrippen.
Deze benadering bouwde voort op de taalhandelingstheorie van Austin en Searle, Habermas’ theorie van communicatief handelen en de systeemontologie van Bunge. Communicatie krijgt daarin een organiserende werking: met een verzoek, een toezegging of de aanvaarding van een resultaat veranderen mensen hun onderlinge verplichtingen. Dietz werkte deze grondslagen uit in de PSI-theorie. Het transactiepatroon verbindt verzoeken en toezeggingen met de uitvoering en aanvaarding van resultaten. In Enterprise Ontology: Theory and Methodology uit 2006 beschreef Dietz zo de werking van organisaties, onafhankelijk van de gekozen organisatorische en technische implementatie.
Van ontologie naar organisatieontwerp
Dat onderscheid had praktische betekenis voor organisatieverandering. Wanneer een organisatie andere software kiest, processen digitaliseert of werkzaamheden uitbesteedt, moet duidelijk blijven welke resultaten zij voortbrengt en wie daarvoor verantwoordelijk is. Dietz bood een begrippenkader om zulke veranderingen in samenhang te onderzoeken. De informatievoorziening kon vervolgens worden ontworpen vanuit de samenwerking die zij moest ondersteunen.
Met Hoogervorst en een internationale groep onderzoekers verbreedde hij dit perspectief in The discipline of enterprise engineering uit 2013. Het artikel formuleerde drie samenhangende doelen: organisatorische complexiteit begrijpelijk maken, samenhang tussen strategie en uitvoering realiseren en medewerkers daadwerkelijk bevoegdheid en verantwoordelijkheid geven. Het bijbehorende raamwerk verbond filosofische uitgangspunten, organisatietheorieën, ontwerpkennis en normatieve keuzes.
De auteurs presenteerden daarmee een onderzoeksprogramma dat verdere ontwikkeling en toetsing vroeg. Casestudies, vergelijkende onderzoeken en evaluaties moesten de praktische waarde van theorieën en methoden helpen vaststellen. Die combinatie van theoretische precisie en onderzoek naar toepassingen kenmerkt de wetenschappelijke traditie die rond Dietz ontstond.
Een zichtbare toepassing is Visi, de open standaard voor communicatie en afspraken in bouwprojecten. Het Forum Standaardisatie beschrijft expliciet hoe het onderliggende metamodel voortbouwt op Dietz’ Demo-onderzoek. Daarmee kregen zijn concepten een uitwerking in het vastleggen van rollen, transacties en traceerbare afspraken tussen organisaties. Deze standaard wordt toegepast in duizenden projecten.
De onderzoekslijn loopt ook door naar hedendaagse softwareontwikkeling. In 2024 publiceerden dr. Marien Krouwel, prof.dr. Martin Op ’t Land en prof.dr. Henderik Proper in Software and Systems Modeling een onderzoek naar de vertaling van Demo-modellen en expliciete implementatiekeuzes naar software.
Een internationale academische nalatenschap
Dietz’ invloed kreeg mede vorm door de onderzoekers die hij opleidde. Tot zijn promovendi behoorden prof.dr. Victor van Reijswoud, prof.dr. Hans Mulder, prof.dr. Martin Op ’t Land, dr. Steven van Kervel, dr. Joop de Jong, dr. Linda Terlouw, dr. Bart-Jan Hommes en dr. Ans Steuten. Ook dr. Jan-Willem van Aalst, dr. Mohammad Abolhassani, dr. Andries van Renssen, dr. Boris Shishkov, dr. Floris Wiesman en dr. Ruud van der Pol promoveerden onder zijn begeleiding. Hun proefschriften tonen de breedte van zijn begeleiding, van taal en informatie tot ontologie, organisatieontwerp en software.
Rond het CIAO! Enterprise Engineering Network ontstond daarnaast een internationale gemeenschap met onder anderen prof. dr.ir Jan Hoogervorst, dr. Antonia Albani, prof.dr. Junichi Iijima, prof.dr. Eduard Babkin en dr. Joseph Barjis. In Portugal droegen prof.dr. José Tribolet en zijn onderzoeksgroep in Lissabon bij aan de ontwikkeling van het vakgebied; in Praag kreeg die ontwikkeling vorm rond prof.dr. Robert Pergl en zijn onderzoeksgroep aan de technische universiteit en in Zuid-Afrika bij prof.dr. Marné de Vries.
Via het Enterprise Engineering Institute en opleidingen aan universiteiten, waaronder Universiteit Antwerpen en Antwerp Management School en hogescholen, zoals de Master of Informatics in Utrecht, Hogescholen NOVI en Avans, werd het gedachtegoed verder verspreid. Dietz bleef na zijn emeritaat actief als gastprofessor. De Japanse vertaling van Enterprise Ontology in de Springer EE-serie door prof.dr. Junichi Iijima van de Universiteit van Tokyo en dr. Hideya Inoue onderstreepte het internationale bereik van zijn werk.
Momenteel vindt onder leiding van prof.dr. Erik Proper (Technische Universiteit Wenen), prof.dr. Frank Harmsen (Universiteit Maastricht) en prof.dr. Hans Mulder (Antwerp Management School) het huidige onderzoek in Enterprise Engineering plaats met jonge onderzoekers, zoals Silke van Rooij, Hans Nouwens, Shakha Mirza, Edwin de Haan en vele anderen. Daarmee ontwikkelt het vakgebied zich verder, gedragen door nieuwe onderzoeksvragen en toepassingen.
Die ontwikkeling mondde uit in de met prof.dr. Hans Mulder geschreven trilogie: Enterprise Ontology, waarvan in 2024 de tweede editie verscheen, Enterprise Design Fundamentals uit 2025 en Enterprise Governance and Management uit 2026. Begrijpen, ontwerpen en besturen werden daarin verbonden door een gemeenschappelijke theoretische grondslag. Het derde deel verscheen kort na Dietz’ 81ste verjaardag. Bij de overhandiging van het laatste boek vroeg hij: ‘Was één boek niet genoeg geweest om het te begrijpen?’
Ook buiten de wetenschappelijke literatuur zocht Dietz naar toegankelijke uitleg, onder meer met Rode tuinkabouters bestaan niet. Rood stond bij Sapio voor menselijke commitments, groen voor informatie en blauw voor technologie. Daaruit volgt ook een opdracht voor het huidige ai-debat: expliciet maken wie bevoegd is om te handelen en wie verantwoordelijkheid draagt wanneer de uitvoering steeds verder wordt gedigitaliseerd.
Dietz laat een samenhangend oeuvre en een academische gemeenschap na die zijn inzichten blijft onderzoeken en ontwikkelen. Zijn blijvende bijdrage ligt in de verbinding tussen formeel organisatieontwerp en menselijke verantwoordelijkheid. Daarmee gaf hij het vakgebied theorieën en een taal om nauwkeuriger te begrijpen en te beschrijven wat mensen samen tot stand brengen en hoe technologie dat kan ondersteunen.
