Het kabinet voelt zich niet geroepen ervoor te zorgen dat pensioenfondsen hun kapitaal inzetten om de digitale autonomie van Nederland te versterken. Ook blijft het kabinet afzijdig wanneer een bedrijf waarin deze fondsen indirect beleggen, in Amerikaanse handen overgaat en Nederlandse publieke belangen mogelijk in gevaar komen.
Dit blijkt uit antwoorden van minister Hans Vijlbrief (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) op vragen van de Pro-kamerleden Barbara Kathmann en Wimar Bolhuis.
Aanleiding was een bericht in NRC dat pensioenfondsen zijn betrokken bij de voorgenomen verkoop van Solvinity aan het Amerikaanse Kyndryl. Dat plan leidt al maandenlang tot opschudding vanwege risico’s voor de privacy van Nederlandse (DigiD-)gegevens onder Amerikaans eigenaarschap.
De Amsterdamse it-dienstverlener Solvinity ondersteunt namelijk het beheer over het DigiD-platform. Staatssecretaris Willemijn Aerdts (Digitale Economie & Soevereiniteit) verbood de overname in afwachting van de bezwaarprocedure. Solvinity en Vitruvian vochten dat aan, maar de rechter stelde hen in het ongelijk. Verwacht wordt dat deze week een definitief besluit valt.
Aan de zijlijn
Over de rol van de pensioenfondsen is Vijlbrief duidelijk. Die staan aan de zijlijn, zeker als het om indirecte belangen gaat. Het ambtenarenpensioenfonds ABP en Pensioenfonds Zorg en Welzijn hebben een belang in het private-equity bedrijf Vitruvian Partners, de grootaandeelhouder in Solvinity. Maar ze hebben verder geen rol gespeeld bij de besluitvorming, aldus Vijlbrief.
Beide Pro-kamerleden hadden anders verwacht, te meer daar beide pensioenfondsen zich profileren als maatschappelijk betrokken beleggers. Maar met hun participaties in Vitruvian hebben pensioenfondsen geen controle over de bedrijven in dat fonds, zoals in dit specifieke geval Solvinity, en de keuzes die deze bedrijven maken. ‘En een afzonderlijk beleggingsmandaat gericht op digitale autonomie maakt geen onderdeel uit van de wettelijke taak van pensioenfondsen,’ aldus Vijlbrief.
