De maakindustrie dreigt te verdwijnen uit Nederland als er niet snel wordt ingezet op robotisering en digitalisering. Dat stelt onderzoeksorganisatie TNO in een rapport. De organisatie heeft een nationale robotiseringsagenda opgesteld die het tij moet keren.
De Nederlandse maakindustrie staat volgens TNO voor een flinke uitdaging. ‘Vergrijzing, aanhoudende personeelstekorten en hoge loonkosten zetten de sector zwaar onder druk terwijl de productiviteitsgroei stagneert’, schrijft de organisatie in de aankondiging van een rapport over de maakindustrie. De onderzoeksorganisatie verwacht dat een versnelde en gecoördineerde inzet van robotisering en automatisering het verdienvermogen van de maakindustrie in Nederland veilig zal stellen.
TNO schrijft dat Nederland met 264 robots per tienduizend werknemers op nummer 12 staat van de wereldwijde ranglijst voor robotisering. Zuid-Korea, China en Duitsland hebben vierhonderd tot meer dan duizend robots per 10.000 werknemers. ‘De productiviteit van de Nederlandse maakindustrie moet minimaal 50 procent omhoog om concurrentiepositie te herstellen’, schrijft TNO.
Volgens de onderzoeksorganisatie is de maakindustrie goed voor 7 procent van het bruto binnenlands product (bbp) en vormt daarmee een belangrijke pijler van de Nederlandse economie.
Robotiseringsagenda
Om een versnelling te realiseren, pleit TNO voor een nationale robotiseringsagenda met duidelijke lange termijndoelen die bewaakt worden door een centrale taskforce. Concrete aanbevelingen zijn:
- Bewustwording en kennisdeling: landelijke communicatie, duidelijk inzicht in rendement en terugverdientijd en praktische, sectorgerichte handreikingen voor bedrijven;
- Standaardisatie en ecosysteemversterking: stimuleren van opensource en interoperabiliteit, investeren in strategische niches en het bundelen van vraag om schaal te creëren die systeemintegratoren aantrekt;
- Onderwijs en arbeidsmarkt: doorlopende leerlijnen en verplichte roboticacompetenties om een toekomstbestendige talentbasis te borgen;
- Internationale profilering: Nederland positioneren als Europese proeftuin voor de inzet van flexibele robots en automatisering voor de productie van een grote variëteit aan producten (high mix) in kleine aantallen (low volume) en intensivering van Europese samenwerking;
- Versnelling bij het mkb: via sectorale samenwerking, laagdrempelige fieldlabs, vouchers (subsidieprogramma’s) en flexibele financieringsvormen zoals robotics as a service.
TNO-directeur voor de smart industry-divisie, Mark Courage, stelt dat robotisering geen luxe is maar een voorwaarde om de Nederlandse maakindustrie te behouden. ‘Een nationale agenda geeft richting, versnelt adoptie en zorgt dat bedrijven, groot én klein, toegang krijgen tot technologie die hun toekomst bepaalt. Alleen zo blijft Nederland maker, in plaats van afhankelijk afnemer.’
Fabriek van de Toekomst
Computable bezocht op de Technishow in de Utrechtse Jaarbeurs de Fabriek van de Toekomst. Ook daar klonk bezorgdheid over het voortbestaan van de sector in Nederland. Digitalisering werd genoemd als reddingsboei voor de maakindustrie.


Philips heeft dit al jaren geleden gedemonstreerd door hun scheerapparaten en elektrische tandenborstels in Drachten te fabriceren met behulp van robots en een vergaande graad van automatisering. Anders was die fabriek allang gesloten en verkast naar China.
Dit is een blauwdruk voor de maakindustrie in dit land.