Applicaties bepalen keuze voor infrastructuur

Composite application raamwerk (CAF) is de trend

Dit artikel delen:

Bedrijven gaan met de opkomst van 'next-generation enterprise apps' beter kijken naar de samenhang van applicaties en de infrastructuur waar ze op draaien.

Verklarende woordenlijst
Next-generation enterprise apps - Erp- of crm-applicaties gebaseerd op soa-principes
SOA - Service Oriented Architecture, collectie diensten (applicaties) die met elkaar communiceren. Deze diensten zijn volledig onafhankelijk van elkaar en werken binnen een gedistribueerd systeem.
CAF - Composite Application Framework, een raamwerk waarbinnen nieuwe applicaties kunnen worden samengesteld door delen van bestaande programmatuur te hergebruiken.
Composite applications - applicatie die is opgebouwd door delen (onder meer logica) van andere applicaties te hergebruiken.
Packaged application - standaardpakket, de applicatie vormt als het ware een kant en klaar pakket.
Middleware - communicatielaag die het mogelijk maakt voor applicaties om met elkaar te communiceren over hardware en de netwerkomgeving.
Dat blijkt uit het rapport 'Next-generation enterprise apps will impact infrastructure choices' van Forrester. Volgens het onderzoeksbureau wordt er in Europa en de Verenigde Staten verschillend mee omgegaan. In Europa kijkt men naar welke onderliggende infrastructuur het beste is voor de next-generation enterprise apps, terwijl klanten in Amerika willen dat die applicaties gewoon op de infrastructuur van hun voorkeur draaien. Resultaat is dat gebruikers steeds minder afhankelijk hun infrastructuurlagen en applicaties kiezen dan ze vandaag de dag doen. Klanten maken steeds minder keuzes, maar proberen tegelijkertijd wel te waken voor afhankelijkheid van een enkele leverancier.

Drie obstakels

Na ondervraging van 82 Europese gebruikers blijkt dat men SAP ziet als leider op het gebied van next-generation apps die zijn gebouwd op een gestandaardiseerde infrastructuur. De respondenten plaatsten Microsoft verrassend op een tweede plaats, vóór Oracle. Volgens Forrester is dat deels te verklaren door het feit dat Oracle lange tijd geroepen heeft dat integratie niet nodig is, maar dat een standaardpakket alle zakelijke kwesties kan oplossen. Noord-Amerikaanse klanten kijken juist naar de infrastructuurleverancier in plaats van naar de applicatieleverancier voor het aanzwengelen van de adoptie van next-generation apps.
Forrester onderscheidt drie problemen bij het inzetten van de nieuwe generatie zakelijke applicaties. Deze hebben allemaal te maken met de keuze voor infrastructuur. Zo kan er onduidelijkheid zijn over wanneer een applicatie exact op de markt komt en wanneer een bedrijf deze kan gaan implementeren. Als tweede obstakel ziet het onderzoeksbureau twijfels over de prijs, de openheid en de huidige systemen van een bedrijf. Tot slot is er vaak geen functionele leider die zich toelegt op het project. Het onderzoek wijst uit dat het gebrek aan betrokkenheid van topmensen uit een onderneming de grootste belemmering vormt voor een snelle adoptie van nieuwe oplossingen.

Composite application raamwerk

Bedrijven willen voorkomen dat ze voor hun applicaties en hun infrastructuur afhankelijk worden van één enkele leverancier. Forrester ziet een trend naar een nieuwe laag tussen de middleware en de applicaties, een 'composite application raamwerk' (CAF). Het doel van deze laag is het vullen van de hiaten in het gebruiksgemak, flexibiliteit, portabiliteit en kenmerken van de kern van het bedrijf, die noch samengestelde applicaties, noch de middleware ondervangt. CAF is een uitbreiding van de ontwikkelomgeving die de ontwikkeling van 'composite' applicaties ondersteund. CAF-producten die alleen generieke functies leveren - zoals SAP of Microsoft die leveren - zullen weinig kans op overleving hebben, schrijft Forrester in zijn rapport. De onafhankelijke leveranciers die kans van slagen hebben zullen zich toeleggen op speciale functies voor verticale industrieën, aldus het rapport.
 
Meer informatie:
http://www.forrester.com

 
Pragmatisch omgaan met infrastructuur
Bij onze klanten nemen we dagelijks de toenemende behoefte aan versimpeling, standaardisatie en rationalisatie waar. Daarom worden er steeds meer standaardpakketten geïmplementeerd. En wat standaard is, moet ook zoveel mogelijk standaard blijven: pakketten worden meer en meer in de 'vanillesmaak' gebruikt, dus zoveel als mogelijk in de basisuitvoering en zonder speciale uitbreidingen of aanpassingen.
Wat voor pakketten geldt, moet dan zeker ook voor de infrastructuur opgaan: die is nog veel minder onderscheidend en zou daarom vooral moeten worden gestuurd op kosten, beheersbaarheid en flexibiliteit. Voor wat betreft de eerste twee aspecten zien wij dat klanten steeds meer zullen kiezen voor een infrastructuur die nauw verweven is met het gekozen standaardpakket. Dat beperkt het aantal leveranciers waar je zaken mee doet en verlost je van een stortvloed aan frustrerende integratieprojecten. Deze strategie is bovendien toekomstbestendig, gezien de sterke opmars van internetstandaards, servicegebaseerde architecturen en in Open Source ontwikkelde middleware.
De platformen van de pakketleveranciers bieden bijna altijd de flexibiliteit die nodig is om vervolgens innovatieve, onderscheidende toepassingen toe te voegen aan het it-portfolio. Je moet als gespecialiseerde leverancier van een 'CAF'-platform dan wel van héél goede huize komen om op de middenlange termijn succesvol te blijven. Als infrastructuur hard op weg is om een nagenoeg onzichtbare utiliteit te worden, kun je er maar beter pragmatisch en vooral agnostisch mee omgaan. Mogelijk dat we in Europa in dat denken inderdaad wat verder zijn dan in Noord Amerika.
 
Ron Tolido
Chief Technology Officer Northern Europe Asia Pacific
Capgemini.

 
Technologie-innovatie niet van applicatie-leveranciers
Sommigen voorspellen dat bedrijven softwareoplossingen zullen implementeren van slechts één leverancier. In realiteit is dit nog niet uitgekomen. De reden hiervoor is simpel: geen enkele leverancier kan alle processen ondersteunen waar organisaties van afhankelijk zijn. Hierdoor is er nog altijd behoefte aan integratie-technologieën en gereedschappen om it beter op één lijn te brengen met bedrijfsprocessen. Dit is een belangrijke drijfveer voor de overgang naar een service oriented architecture (soa). Het standaardiseren op één leverancier en één technologie zal uiteindelijk leiden tot een rigide organisatie, te grote afhankelijkheid en uiteindelijk tot hoge kosten.
J2EE-applicatieservers zijn de standaard voor high-end computing omgevingen. De volgende generatie applicatieservers zal worden uitgebreid met middleware-functionaliteiten voor specifieke industrieën. Dit illustreert een trend in de markt voor software-infrastructuur; generiek middleware biedt maar een aantal van de diensten die nodig zijn om aan alle verwachtingen in de industrie te voldoen. Organisaties hebben steeds meer behoefte aan softwareinfrastructuur die is afgestemd op hun sector.
De benodigde technologieën en strandaarden zijn bijna altijd van infrastructurele aard en worden niett door applicaties bepaald. Bijvoorbeeld, organisaties verwachten real-time computing, hoge transatiekracht en ondersteuning van industrie specifieke protocollen en standaarden. Applicatieleveranciers hebben zelden de technische expertise, partner ecosysteem, technische onafhankelijkheid of de visie om deze nieuwe ontwikkelingen te ondersteunen.
Om deze redenen zijn er weinig technologie-initiatieven die worden gedreven door applicatieleveranciers. De benodigde integratie met verschillende systemen en de noodzakelijke flexibiliteit en openheid van it-omgevingen zorgen ervoor dat infrastructuur gedreven middelware de meest aantrekkelijke oplossing is voor enterprise omgevingen.
 
Bertil Snel
Developer Marketing Emea
BEA Systems

 
De derde weg
Het is bijzonder interessant om te zien hoe Forrester in dit rapport de relatie legt tussen de keuze voor infrastructuur zoals integratie- en applicatieservers enerzijds en de keuze voor bedrijfsapplicaties anderzijds. De standaard applicatieleveranciers moeten in veel gevallen nog beginnen met het leveren van volgende generatie applicaties die gebaseerd is op een service oriented architecture en die kan omgaan met bestaande infrastructuur. Dat er een afhankelijkheid is tussen beide keuzen is ondertussen iets om nu al rekening mee te houden.
De meest opzienbarende conclusie is dat composite applications de nieuwe realiteit zijn, onafhankelijk van het feit of je als bedrijf in het verleden hebt gekozen voor best-of-breed of voor de oplossing van één leverancier. Meer en meer realiseren we ons dat een enkel standaardpakket en zelfs een combinatie van standaardapplicaties slechts zelden de noodzakelijke functionele dekking geeft, en ook dat de gewenste functionaliteit aan continue verandering onderhevig is. Nieuw is dat dit nu niet meer hoeft te leiden tot een vervanging van bestaande oplossingen of tot kostbaar maatwerk.
Het goede nieuws is dat door middel van een Composite Application Framework het nu mogelijk is om bestaande applicaties in een bedrijf uit te breiden op basis van standaard technologie en op te nemen in nieuwe samengestelde oplossingen (composite applications). Het is goed om er bij stil te staan dat een dergelijke oplossing veel voordelen heeft ten opzichte van een complete rationalisatie door het standaardiseren op de applicaties van één leverancier.
 
Theo Stolker
Solution Architect
Cordys

 
Raamwerk neemt programmeur werk uit handen
In de praktijk werkt op dit moment zo'n 70 tot 80 procent van de geïnstalleerde 'enterprise applicaties' op basis van de Oracle infrastructuur. Die componenten moeten betrouwbaar, snel en veilig zijn, in andere woorden een hoge 'quality of service' bieden. Daar kan niet te licht over worden gedacht, het vormt immers de basis voor iedere gebruikers toepassing. Voor veel organisaties en voor de meeste processen is een standaardtoepassing een goede oplossing. Echter, er zijn processen of organisaties die aanpassingen vereisen, of zelfs om maatwerk vragen. Dan wordt een infrastructuur gevraagd die open is voor integratie, verandering, uitbreiding en aansluiting(en) op maatwerk.
Een 'common application framework', zoals Forrester dat in het rapport noemt, is vergelijkbaar met een laag van gedeelde basis functionaliteit. Er is een trend in de hele softwareontwikkelingsmarkt waar te nemen waarin ontwikkelraamwerken steeds meer de toepassingen of uitbreidingen veel van het 'low level', infrastructurele programmeren uit handen van de programmeur neemt.
Naarmate de software markt volwassener wordt, kunnen organisaties voor steeds meer processen een standaardtoepassing selecteren in plaats van maatwerk. Deze standaardtoepassing zal dan op enige manier flexibiliteit moeten bieden om bedrijfsunieke elementen in een proces op te vangen. Soms kan dat middels het instellen van parameters (variabelen), soms zal dat middels het ontwikkelen van een uitbreiding moeten gebeuren. Infrastructuur componenten zijn misschien minder direct zichtbaar voor gebruikers, ze worden er niet minder belangrijk door, en wensen en eisen ten aanzien van de kwaliteit blijven hoog.
 
Hans Bos
Technology Marketing
Oracle Nederland

 

 


x

Om te kunnen beoordelen moet u ingelogd zijn:

Dit artikel delen:

Stuur dit artikel door

Uw naam ontbreekt
Uw e-mailadres ontbreekt
De naam van de ontvanger ontbreekt
Het e-mailadres van de ontvanger ontbreekt

×
×
article 2005-04-22T00:00:00.000Z Kim Loohuis
Wilt u dagelijks op de hoogte worden gehouden van het laatste ict-nieuws, achtergronden en opinie?
Abonneer uzelf op onze gratis nieuwsbrief.